Zorgverleners
Diagnostiek ziekte van Lyme: zin en onzin van testen
Het aantonen van antistoffen tegen Borrelia is en blijft
de belangrijkste pijler in de diagnostiek. Maar volgens diverse
nationale richtlijnen in Europa, waaronder die uit Nederland, kan
een goede interpretatie van de serologie alleen plaatsvinden in
samenhang met klinische gegevens.
De stapsgewijze benadering (eerst de ELISA en indien positief,
confirmatie door de Western Blot (WB)) wordt niet alleen in
Nederland maar ook in het buitenland gebruikt als de standaard.
Serologie dient altijd een klinische diagnose te ondersteunen. Het
aantonen van de bacterie zelf met behulp van PCR is heel specifiek,
maar de klinische sensitiviteit van deze test is variabel. Deze
test moet altijd in een geaccrediteerd laboratorium worden
uitgevoerd.
Betrouwbaarheid van de ELISA-test voor het aantonen van
een Borrelia-infectie
De gevoeligheid van IgG-antistoffen voor Lyme is met moderne
testen >90%. De lagere gevoeligheid (zoals ook vermeld in het
televisieprogramma Radar waarin werd gesteld dat de Nederlandse
testen slechts in 30-60% van de gevallen betrouwbaar zijn) betreft
vooral de vroege fase van de infectie (bijvoorbeeld Erythema
Migrans). Bij gebruik van moderne ELISA’s komt fout-negatieve
serologie eigenlijk niet meer voor, alleen nog bij
immuungecompromitteerde patiënten of bij testen in een te vroege
fase van de infectie.
Indien in de vroege fase van de infectie al antibiotica gegeven
worden kan het langer duren voordat een detecteerbare immuunrespons
optreedt. Het argument dat patiënten met de ziekte van Lyme vaak
geen antistoffen kunnen maken wordt niet ondersteund door het feit
dat er altijd wel antistoffen tegen andere verwekkers worden
aangetroffen in het bloed van deze patiënten en dat er geen
aantoonbare immuundeficienties worden aangetroffen.
Diagnostiek naar Borrelia bij Saltro
In het laboratorium van Saltro worden antistoffen aangetoond
tegen Borrelia. De door Saltro gebruikte ELISA behoort tot de meest
gevoelige testen die in productie zijn. Er worden IgM en
IgG-antistoffen bepaald. De test is ook in gebruik bij
referentie-instituten in het buitenland (waaronder Duitsland).
Solitaire IgM detectie kan optreden in de hele vroege fase van EM,
maar kan ook een aspecifieke reactie betreffen (vals-positief). Dit
laatste fenomeen is iets dat vaker wordt aangetroffen bij
bacteriële serologie. De positieve uitslag kan dan niet met een
Western Blot worden bevestigd, of er worden banden aangetroffen die
bekend staan om kruisreacties met andere bacteriële antigenen. In
ons laboratorium worden zowel positieve IgM als IgG-antistoffen in
de ELISA bevestigd met een Immunoblot (Western Blot). Als de blot
positief is, kunnen we concluderen dat er specifieke antistoffen
tegen Borrelia zijn aangetoond.
De waarde van de Western Blot test
De moderne ELISA’s zijn inmiddels zo gevoelig dat ze de
gevoeligheid van de Western Blot (WB) overtreffen. Hier zijn
theoretische argumenten voor, ondersteund door een eerder
uitgevoerde evaluatie. Daarin werden de resultaten van beide testen
naast elkaar gelegd. De combinatie van een negatieve ELISA en een
positieve western blot kwam daarin niet voor, andersom (positieve
ELISA en negatieve WB) weer wel. Dit geldt voor zowel een natieve
blot (gemaakt uit de Borrelia bacterie) als om een moderne
recombinant Western Blot.
Wat is de zin van een PCR voor de diagnostiek van een
Borrelia-infectie / de ziekte van Lyme?
Het nut van PCR is beperkt tot het aantonen van de bacterie in
gewrichtspunctaten (biopten van de synovium of gewrichtsvloeistof),
huidbiopten, of liquor (en dus niet op bloed!). Voor de huisarts
komt een PCR eigenlijk alleen maar in aanmerking bij ‘onbegrepen’
huidafwijkingen waarbij mogelijk aan een Borrelia-infectie wordt
gedacht. PCR is vandaag de dag zeer specifiek. Men mag er van
uitgaan dat een positieve uitslag de infectie aantoont. Bij latere
stadia van de infectie is de serologie in al deze bewezen gevallen
ook positief. Omgekeerd kan een negatieve PCR-testuitslag de
infectie niet uitsluiten, omdat de klinische sensitiviteit variabel
is (afhankelijk van de fase van de infectie, de plaats van afname
van het biopt e.d.). De diagnose behoort uiteindelijk gebaseerd te
worden op een combinatie van gegevens waaronder die van de testen
door een medisch microbiologisch laboratorium.
Nut van de PCR op urine
De gegevens over de PCR op urine zijn wisselend. In de vroege
fase van de infectie kan het voorkomen dat de PCR positief is bij
(nog) negatieve serologie. De sensitiviteit van de PCR hangt af van
factoren zoals de fase van de infectie, het tijdstip van urine
verzamelen, de methode van bewaren, transporteren en opwerken van
de urine monsters etc. Positieve testresultaten in afwezigheid van
positieve serologie en/of specifieke symptomen moeten gewantrouwd
worden. Omdat er geen gestandaardiseerde methoden zijn is het
testen van urine als routine diagnostiek niet zinvol.
De relatie tussen chronische klachten en
Borreliose
Er zijn meerdere studies gedaan maar een verband tussen
bijvoorbeeld het chronische vermoeidheidssyndroom en Borreliose
heeft men tot nu toe niet kunnen aantonen. Wel worden klachten als
vermoeidheid vaak beschreven na een Borreliose, met name indien het
een later stadium van de infectie betreft (bijvoorbeeld
neuroborreliose). Studies naar het langdurig (enkele maanden)
toedienen van antibiotica heeft tot nu toe geen positieve
resultaten opgeleverd op het verminderen van de klachten.
Voor de praktijk
In de vroege fase van de infectie, bij een klassiek beeld (EM)
hoeft geen serologie gedaan te worden. In dit geval moet er altijd
met een geschikt antibioticum behandeld worden. Na adequate
therapie met een antibioticum blijken in de praktijk geen
antistoffen meer te ontstaan. Ook een test kort na een tekenbeet
(< 6 – 8 weken) is niet zinvol omdat de antistoffen waarop wordt
getest in de ELISA-test en de Western Blot-test pas na langere tijd
in voldoende hoge concentraties in het bloed vóórkomen
(vals-negatief).
Bij latere stadia van de infectie of langer bestaande klachten
(vanaf enkele maanden) is serologie wel zinvol. De negatief
voorspellende waarde van de ELISA is in deze situaties hoog. Helaas
is de serologie niet geschikt om een onderscheid te maken tussen
een actieve of een doorgemaakte infectie omdat antistoffen lang
blijven bestaan. Een positieve IgG Borrelia betekent dan ook niet
automatisch dat de klachten verklaard kunnen worden door een
Borreliose. Voor de beste interpretatie van de resultaten van
ELISA, Blot en eventueel PCR zijn dus voldoende klinische gegevens
nodig.
Meer informatie
Wilt u nog meer weten? Raadpleeg dan de arts-microbioloog van
Saltro via telefoonnummer 030 – 236 11 36.